Verzuim in de zorg

Sla de grafiek Verzuim in de zorg over en ga naar de datatabel

GGZ Geestelijke gezondheidszorg = geestelijke gezondheidszorg
GHZ = gehandicaptenzorg
VVT verpleging, verzorging en thuiszorg = verpleeghuiszorg en thuiszorg
ZKH = ziekenhuiszorg

Voldoende en goed opgeleide medewerkers van groot belang

Voldoende en goed opgeleide medewerkers zijn van groot belang voor een goede gezondheidszorg. Daarom wordt al jaren informatie verzameld over de arbeidsmarkt in zorg en welzijn, zodat betrokken partijen hun arbeidsmarktbeleid kunnen afstemmen op de huidige en toekomstige ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Deze informatie wordt o.a. ontsloten via AZWinfoAZW StatLine en de regionale arbeidsmarktdashboards van Regioplus.

Actuele informatie urgent bij toenemende druk op zorg

Actuele informatie over de belasting en inzetbaarheid van zorgverleners is extra urgent wanneer sprake is van toenemende druk op de zorg, zoals nu het geval is tijdens de coronacrisis. Daarom hebben wij gewerkt aan het verder actualiseren van de bestaande indicatoren en zijn er enkele indicatoren toegevoegd aan de reeds bestaande regionale arbeidsmarktdashboards. Deze indicatoren bieden aanvullend inzicht in zaken als verzuim, gewerkte overuren en zo actueel mogelijke informatie over het totaal aantal werknemers en FTE Full time equivalent. Aantal arbeidsuren als percentage van een volledige werkweek.. Dit alles uitgesplitst per branche en voor verschillende regio’s. Daarnaast is nieuw dat er elke maand een factsheet wordt uitgebracht met een algemeen beeld van de inzet van zorgmedewerkers. Door het bundelen en aanbieden van deze informatie biedt het ministerie van VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport stakeholders in de sector zorg en welzijn een instrument om meer inzicht te krijgen in de inzet van zorgmedewerkers, trends te volgen omtrent de arbeidsmarktsituatie in de sector in het geheel en om hier waar nodig regionaal en/of landelijk op in te spelen. Deze factsheets zijn te vinden onder de knop ‘Factsheets’ op deze pagina.

  • E.A. van der Wilk (RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu)