Ruim 1,5 miljoen mensen met artrose

In 2020 waren er naar schatting 1.557.900 mensen met artrose (gewrichtsslijtage) bekend bij de huisarts: 562.800 mannen en 995.100 vrouwen ( jaarprevalentie Het aantal personen dat een bepaalde ziekte heeft gehad gedurende een bepaald jaar. (Het aantal personen dat een bepaalde ziekte heeft gehad gedurende een bepaald jaar.)). De meeste mensen zijn gediagnosticeerd met knieartrose (746.100).
De jaarprevalentie betreft alle mensen die ergens in het jaar 2020 bekend waren bij de huisarts met een vorm van artrose. Deze mensen hoeven niet allemaal in 2020 contact te hebben gehad met de huisarts voor artrose. Ongeveer 23% van de mensen die in 2020 bekend waren bij de huisarts met artrose, heeft hiervoor in dat jaar ook contact gehad met de huisarts. 

40.900 nieuwe gevallen van knieartrose in 2020

In 2020 kregen naar schatting 40.900 mensen de diagnose knieartrose van de huisarts: 15.400 mannen en 25.500 vrouwen. Knieartrose is daarmee de meest voorkomende artrose. In hetzelfde jaar werd de diagnose van artrose aan overige ledematen (overige perifere artrose) 37.900 keer gesteld. Bij vrouwen (25.500) ruim twee keer zo vaak als bij mannen (12.300). De diagnose heupartrose werd in totaal 24.100 keer gesteld.

Tabel: Artrose naar type 2020
 

Nieuwe gevallen

Jaarprevalentie

 

Mannen

Vrouwen

Mannen

Vrouwen

Per 1.000 personen

       

Heupartrose (L89)

1,0

1,7

20,2

34,4

Knieartrose (L90)

1,8

2,9

31,9

53,5

Overige perifere artrose (L91)

1,4

2,9

22,5

52,1

Totaal a

   

64,9

113,4

Absolute aantallen

       

Heupartrose (L89)

9.000

15.100

175.300

301.600

Knieartrose (L90)

15.400

25.500

276.600

469.500

Overige perifere artrose (L91)

12.300

25.500

195.300

457.500

Totaal a

   

562.800

995.100

Bron: Nivel Zorgregistraties eerste lijn

  • ICPC International Classification of Primary Care (International Classification of Primary Care)-code L89-L91

a) De totale jaarprevalentie van artrose komt overeen met het aantal mensen dat in 2020 ten minste één vorm van artrose had. Mensen met meerdere vormen van artrose tellen dus maar één keer mee in het totaal.

Mogelijk lagere aantallen in 2020 door COVID-19-uitbraak

Bij vergelijking van het COVID-19-jaar 2020 en het jaar 2019 valt op dat het aantal nieuw geregistreerde gevallen en/of de  prevalentie Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief. (Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief.) van een groot aantal klachten en aandoeningen is afgenomen. Het is niet te achterhalen of deze klachten en aandoeningen daadwerkelijk minder voorkwamen in 2020 of dat de huisartsenpraktijk minder voor deze klachten werd bezocht ( Nielen et al. 2021 Nielen, M., Weesie, Davids, Winckers, Korteweg, Urbanus, de Leeuw, van Dijk, Korevaar, J., Hasselaar, Hek, Zorg door de huisarts. Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn: jaarcijfers 2020 en trendcijfers 2016-2020, Utrecht (2021) ).


    Jaarprevalentie artrose 2020

    Sla de grafiek Jaarprevalentie artrose 2020 over en ga naar de datatabel

    Bron: Nivel Zorgregistraties eerste lijn

    • ICPC International Classification of Primary Care (International Classification of Primary Care)-code L89-L91

    Ruim 1,5 miljoen mensen met artrose

    In 2020 waren er naar schatting 1.557.900 mensen met artrose (gewrichtsslijtage) bekend bij de huisarts: 562.800 mannen en 995.100 vrouwen ( jaarprevalentie Het aantal personen dat een bepaalde ziekte heeft gehad gedurende een bepaald jaar. (Het aantal personen dat een bepaalde ziekte heeft gehad gedurende een bepaald jaar.)). Dat komt overeen met 64,9 artrosepatiënten per 1.000 mannen en 113,4 per 1.000 vrouwen. Vrouwen hebben vaker artrose dan mannen. Mensen met meerdere vormen van artrose zijn in dit totaalcijfer maar één keer meegenomen.
    De jaarprevalentie betreft alle mensen die ergens in het jaar 2020 bekend waren bij de huisarts voor artrose. Deze mensen hoeven niet allemaal in 2020 contact te hebben gehad met de huisarts voor artrose. Ongeveer 23% van de mensen die in 2020 bekend waren bij de huisarts met artrose, heeft hiervoor in dat jaar ook contact gehad met de huisarts.

    Mogelijk lagere aantallen in 2020 door COVID-19-uitbraak

    Bij vergelijking van het COVID-19-jaar 2020 en het jaar 2019 valt op dat het aantal nieuw geregistreerde gevallen en/of de  prevalentie Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief. (Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief.) van een groot aantal klachten en aandoeningen is afgenomen. Het is niet te achterhalen of deze klachten en aandoeningen daadwerkelijk minder voorkwamen in 2020 of dat de huisartsenpraktijk minder voor deze klachten werd bezocht ( Nielen et al. 2021 Nielen, M., Weesie, Davids, Winckers, Korteweg, Urbanus, de Leeuw, van Dijk, Korevaar, J., Hasselaar, Hek, Zorg door de huisarts. Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn: jaarcijfers 2020 en trendcijfers 2016-2020, Utrecht (2021) ).


    Jaarprevalentie artrose in huisartsenpraktijk 2011-2020

    Sla de grafiek Jaarprevalentie artrose in huisartsenpraktijk 2011-2020 over en ga naar de datatabel

    Bron: Nivel Zorgregistraties eerste lijn

    Prevalentie artrose gestegen

    In de periode 2011-2020 is het aantal mensen met artrose dat bekend was bij de huisarts ( jaarprevalentie Het aantal personen dat een bepaalde ziekte heeft gehad gedurende een bepaald jaar. (Het aantal personen dat een bepaalde ziekte heeft gehad gedurende een bepaald jaar.)) gestegen. Voor mannen was de stijging (48%) groter dan voor vrouwen (35%). Deze trend is gecorrigeerd voor veranderingen in de omvang en leeftijdsopbouw van de bevolking (standaardisatie).
    Het per jaar geschatte en ongecorrigeerde aantal mensen met artrose dat bekend was bij de huisarts is voor mannen toegenomen van 306.400 in 2011 naar 562.800 in 2020. Voor vrouwen is het aantal toegenomen van 631.500 in 2011 naar 995.100 in 2020 (absolute aantallen zichtbaar in de tabelweergave).

    Prevalentie artrose ook gestegen tussen 1991 en 2014

    De gestandaardiseerde jaarprevalentie van artrose is in de periode 1991-2014 gestegen. Ook in deze periode was de stijging voor mannen (55%) groter dan voor vrouwen (40%). Deze trend is gebaseerd op de huisartsenregistratie RNH-Limburg (zie: Trend jaarprevalentie en nieuwe gevallen artrose 1991-2014 (PDF; 119 KB)).


    Verwachte stijging mensen met artrose door alleen demografie

    Op basis van uitsluitend demografische ontwikkelingen zal het absoluut aantal mensen met artrose ( jaarprevalentie Het aantal personen dat een bepaalde ziekte heeft gehad gedurende een bepaald jaar. (Het aantal personen dat een bepaalde ziekte heeft gehad gedurende een bepaald jaar.)) in de periode 2018-2040 naar verwachting met 36% stijgen. De verwachte stijging bedraagt 39% voor mannen en 35% voor vrouwen. De toename zal groter of kleiner kunnen zijn door andere (niet-demografische) ontwikkelingen die de kans op het vóórkomen van artrose beïnvloeden.

    • M.M.J. Nielen ( NIVEL Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg (Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg))
    • M.J.J.C. Poos (RIVM)
    • A.M. Gommer, red. (RIVM)
    • C. Hendriks, red. (RIVM)
    • H. Giesbers, red. (RIVM)