Gemiddelde wachttijden geestelijke gezondheidszorg

De grafiek toont de gemiddelde wachttijd voor geestelijke gezondheidszorg per hoofddiagnosegroep. Het gaat om de gemiddelde wachttijden van instellingen met meer dan 10 zorgverleners. De wachttijden zijn gewogen op basis van het aantal patiënten dat in de afgelopen 2 maanden is ingestroomd en worden aangeleverd door de zorgaanbieders met meer dan 10 zorgverleners. Wachttijden van grotere instellingen tellen dus zwaarder mee dan die van kleinere instellingen. Zorgaanbieders met hoogstens 10 zorgverleners leveren geen instroomaantallen aan en tellen daarom niet mee in het gemiddelde.  

Treeknormen zijn maximaal aanvaardbare wachttijden in de zorg

De Treeknorm beschrijft de maximaal aanvaardbare wachttijd. Deze ligt voor de basis-ggz en de gespecialiseerde ggz op vier weken voor de aanmeldwachttijd, tien weken voor de behandelwachttijd en op veertien weken voor de totale wachttijd.

Transparantieregeling zorgaanbieders ggz

Zorgaanbieders zijn verplicht hun wachttijden op hun website te vermelden (of te verwijzen naar kiezenindeggz.nl) en maandelijks door te geven aan Vektis. Meer over deze verplichting staat op overheid.nl. De door de zorgaanbieders aangeleverde aanmeld- en behandelwachttijd die gebruikt wordt in de berekening is de gemiddelde gerealiseerde wachttijd over de laatste twee maanden.

Historische gegevens

De wachttijden tot februari 2022 zijn weergegeven op basis van DSM Diagnostic and statistical manual of mental disorders. Classificatie voor psychische stoornissen. De DSM is ontwikkeld onder verantwoordelijkheid van de American Psychiatric Association. (Diagnostic and statistical manual of mental disorders. Classificatie voor psychische stoornissen. De DSM is ontwikkeld onder verantwoordelijkheid van de American Psychiatric Association.)-IV diagnosegroepen. Vanaf februari 2022 wordt de DSM-5 diagnosegroepen gebruikt en de groep patiënten waarvan de diagnose nog niet gesteld is. Deze groepen zijn niet goed vergelijkbaar met cijfers voor februari 2022.


Wachttijden geestelijke gezondheidszorg naar diagnose

Gemiddelde regionale wachttijden geestelijke gezondheidszorg

De grafiek toont de gemiddelde wachttijd voor geestelijke gezondheidszorg per hoofddiagnosegroep. Het gaat om de gemiddelde wachttijden van instellingen met meer dan 10 zorgverleners. De wachttijden zijn gewogen op basis van het aantal patiënten dat in de afgelopen 2 maanden is ingestroomd en worden aangeleverd door de zorgaanbieders met meer dan 10 zorgverleners. Wachttijden van grotere instellingen tellen dus zwaarder mee dan die van kleinere instellingen. Zorgaanbieders met hoogstens 10 zorgverleners leveren geen instroomaantallen aan en tellen daarom niet mee in het gemiddelde. 

Treeknormen zijn maximaal aanvaardbare wachttijden in de zorg

De Treeknorm beschrijft de maximaal aanvaardbare wachttijd. Deze ligt voor de basis-ggz (gb-ggz) en de gespecialiseerde ggz ( g gram (gram)-ggz) op vier weken voor de aanmeldwachttijd, tien weken voor de behandelwachttijd en op veertien weken voor de totale wachttijd.

Transparantieregeling zorgaanbieders ggz

Zorgaanbieders zijn verplicht hun wachttijden op hun website te vermelden (of te verwijzen naar www.kiezenindeggz.nl) en maandelijks door te geven aan Vektis. Meer over deze verplichting leest u hier. De door de zorgaanbieders aangeleverde aanmeld- en behandelwachttijd die gebruikt wordt in de berekening is de gemiddelde gerealiseerde wachttijd over de laatste twee maanden.

Historische gegevens

De wachttijden tot februari 2022 zijn weergegeven op basis van DSM Diagnostic and statistical manual of mental disorders. Classificatie voor psychische stoornissen. De DSM is ontwikkeld onder verantwoordelijkheid van de American Psychiatric Association. (Diagnostic and statistical manual of mental disorders. Classificatie voor psychische stoornissen. De DSM is ontwikkeld onder verantwoordelijkheid van de American Psychiatric Association.)-IV diagnosegroepen. Vanaf februari 2022 wordt de DSM-5 diagnosegroepen gebruikt en de groep patiënten waarvan de diagnose nog niet gesteld is. Deze groepen zijn niet goed vergelijkbaar met cijfers voor februari 2022.


H. Giesbers (RIVM)