Vaker een beperking bij lagere inkomens

De grafiek presenteert cijfers over beperkingen naar inkomensklassen over 2016. Beperkingen betreft één of meer beperkingen in activiteiten met betrekking tot zien, horen of mobiliteit. De verschillen zijn statistisch getoetst een statistische toets is uitgevoerd om te bepalen of sprake is van een statistisch significant verschil , resultaten van deze toetsing zijn:

  • Beperkingen komen meer voor bij mensen in de laagste inkomensklasse dan bij de hoogste inkomensklasse, dit geldt voor zowel mannen en vrouwen afzonderlijk.
  • Het percentage mensen met een beperking neemt af als de inkomensklasse hoger wordt. Zowel mannen als vrouwen in de laagste inkomensklasse hebben vier keer zo vaak een beperking als mannen en vrouwen in de hoogste inkomensklasse (27,5% versus 6,3% bij mannen, 32,2% versus 7,8% bij vrouwen).

Meer informatie

  • C. Zomer (RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu)
  • J.M.H. Ruijsbroek (RIVM)