Zorguitgaven:  volgens drie benaderingen 

Indicatorwaarde

Miljard euro

Brede definitie                 €124,8
Internationale definitie                       €96,5
Netto UPZ*                    €76,3

Verslagjaar: 2021; * Uitgavenplafond zorg

Trend

3-jarige trend
2019  
2021

Stijgende trend; ongunstig; niet getoetst er is geen statistische toets uitgevoerd om te bepalen of sprake is van een statistisch significant verschil (er is geen statistische toets uitgevoerd om te bepalen of sprake is van een statistisch significant verschil )

Interpretatie indicator

De totale zorguitgaven kunnen op verschillende manieren berekend worden. Deze indicator presenteert zorguitgaven volgens drie benaderingen:

Zorguitgaven in brede zin: de Zorgrekeningen van het CBS Centraal Bureau voor de Statistiek (Centraal Bureau voor de Statistiek) beschrijft alle (directe) maatschappelijke uitgaven aan gezondheid en welzijn, waarbij direct contact is met de patiënt of cliënt, en activiteiten van beleid, beheer en verzekering van gezondheids- en welzijnszorg. De CBS-zorgrekeningen is de meest uitgebreide afbakening. Deze beslaat bijvoorbeeld ook de welzijnssector, jeugdzorg en kinderopvang. De Zorgrekening minus deze drie sectoren wordt ook wel als afbakening gebruikt.

Zorguitgaven internationale definitie: deze definitie wordt internationaal gehanteerd om internationale vergelijking te vergemakkelijken. Hieronder vallen alle uitgaven aan de gezondheidszorg en laat welzijn en sociale zorg buiten beschouwing.

Netto uitgavenplafond zorg (UPZ): binnen het ministerie van VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport) is het Uitgaven Plafond Zorg (UPZ, voorheen Budgettair Kader Zorg ( BKZ Budgettair Kader Zorg (Budgettair Kader Zorg)) genoemd) als andere afbakening leidend. Het UPZ bestaat vooral uit de zorguitgaven die op grond van de Zorgverzekeringswet (ZVW) en de Wet Langdurige Zorg (WLZ) worden gemaakt. Daarnaast wordt een deel van de begrotingsuitgaven van het ministerie van VWS en een deel van de uitgaven in het kader van de Wmo Wet maatschappelijke ondersteuning (Wet maatschappelijke ondersteuning) (alleen beschermd wonen) tot het UPZ gerekend. Uitgaven op grond van de Jeugdwet worden sinds 2017 niet meer tot het UPZ gerekend. Van het UPZ zijn twee varianten: de bruto en de netto variant. Het verschil tussen deze twee varianten ligt in de uitgaven voor het verplichte eigen risico in de basisverzekering en de eigen bijdragen in Wlz Wet langdurige zorg (Wet langdurige zorg). Bij de netto variant worden deze niet meegerekend.

Naar financieringsregeling

Sla de grafiek Zorguitgaven brede definitie uitgesplitst naar financieringsregeling over en ga naar de datatabel

Bron: CBS StatLine

  • Vrijwillige regelingen: o.a. aanvullende- en particuliere verzekering, betalingen door bedrijven en instellingen
  • Buitenland; uitvoer: o.a. betalingen uit het buitenland voor behandelingen die plaatsvonden in Nederland

Verantwoordingstabel zorguitgaven drie definities

 

Toelichting

Volledige naam indicator            

Zorguitgaven volgens drie benaderingen 

Bronnen

CBS StatLine

Berekening

Totale zorguitgaven in miljard euro's volgens drie benaderingen 

Interpretatie

De totale zorguitgaven kunnen op verschillende manieren berekend worden. Deze indicator presenteert zorguitgaven volgens drie benaderingen:

Zorguitgaven in brede zin: de Zorgrekeningen van het  CBS Centraal Bureau voor de Statistiek (Centraal Bureau voor de Statistiek) beschrijft alle (directe) maatschappelijke uitgaven aan gezondheid en welzijn, waarbij direct contact is met de patiënt of cliënt, en activiteiten van beleid, beheer en verzekering van gezondheids- en welzijnszorg. De CBS-zorgrekeningen is de meest uitgebreide afbakening. Deze beslaat bijvoorbeeld ook de welzijnssector, jeugdzorg en kinderopvang. De Zorgrekening minus deze drie sectoren wordt ook wel als afbakening gebruikt.

Zorguitgaven internationale definitie: deze definitie wordt internationaal gehanteerd om internationale vergelijking te vergemakkelijken. Hieronder vallen alle uitgaven aan de gezondheidszorg en laat welzijn en sociale zorg buiten beschouwing.

Netto uitgavenplafond zorg (UPZ): binnen het ministerie van  VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport) is het Uitgaven Plafond Zorg (UPZ, voorheen Budgettair Kader Zorg ( BKZ Budgettair Kader Zorg (Budgettair Kader Zorg)) genoemd) als andere afbakening leidend. Het UPZ bestaat vooral uit de zorguitgaven die op grond van de Zorgverzekeringswet (ZVW) en de Wet Langdurige Zorg (WLZ) worden gemaakt. Daarnaast wordt een deel van de begrotingsuitgaven van het ministerie van VWS en een deel van de uitgaven in het kader van de  Wmo Wet maatschappelijke ondersteuning (Wet maatschappelijke ondersteuning) en de Jeugdwet tot het UPZ gerekend. Van het UPZ zijn twee varianten: de bruto en de netto variant. Het verschil tussen deze twee varianten ligt in de uitgaven voor het verplichte eigen risico in de basisverzekering en de eigen bijdragen in  Wlz Wet langdurige zorg (Wet langdurige zorg). Bij de netto variant worden deze niet meegerekend.

COVID-19

De coronacrisis is van grote invloed geweest op de zorguitgaven. Naast reguliere zorg zijn er grote uitgaven gedaan aan zorg voor covidpatiënten en zijn er extra kosten gemaakt vanwege COVID-19. Door het uitstellen/vervallen van reguliere zorg zijn extra kosten gemaakt omdat zorgaanbieders compensatie konden krijgen voor de weggevallen omzet. Daarnaast vallen ook de kosten van de uitgekeerde zorgbonus en corona testen onder deze uitgaven (CBS, 2021). 
Jaar 2021

  • S. Brukx ( RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu))
  • R. Gijsen (RIVM)