Minder roken en vapen onder vwo-leerlingen
Leerlingen van het vmbo-b hebben de meeste ervaring met roken en vapen: respectievelijk 21% en 31% van deze scholieren heeft ooit gerookt of gevaped. Dat is twee keer zo veel als vwo-leerlingen (11% gerookt en 16% gevaped). Ook het percentage leerlingen dat in de afgelopen maand heeft gerookt is het hoogst onder vmbo-b-leerlingen. Ook dagelijks roken komt vaker voor op het vmbo en op de havo dan op het vwo (<1%).
Roken naar geslacht en opleiding
Sla de grafiek Roken naar geslacht en opleiding 2022/2023 over en ga naar de datatabelBron: Gezondheidenquête/Leefstijlmonitor, CBS i.s.m. RIVM en Trimbos-instituut
- De labels van de opleidingstypen vermelden de grootste opleidingsgroepen. Zie de toelichting op opleidingstypen voor meer informatie.
- De ondergrens en bovengrens van het 95% betrouwbaarheidsinterval zijn zichtbaar in tabelweergave.
Roken naar geslacht, leeftijd en opleiding
Sla de grafiek Roken naar geslacht, leeftijd en opleiding 2022/2023 over en ga naar de datatabelBron: Gezondheidenquête/Leefstijlmonitor, CBS i.s.m. RIVM en Trimbos-instituut
- De labels van de opleidingstypen vermelden de grootste opleidingsgroepen. Zie de toelichting op opleidingstypen voor meer informatie.
- De ondergrens en bovengrens van het 95% betrouwbaarheidsinterval zijn zichtbaar in tabelweergave.
Opleidingstype belangrijke factor bij roken
De grafiek presenteert cijfers over roken naar opleiding van 2022 en 2023 samengenomen. Alle mensen die in het onderzoek hebben aangegeven (weleens) te roken, zijn hierin meegenomen. De verschillen tussen opleidingstypen zijn statistisch getoetst (een statistische toets is uitgevoerd om te bepalen of sprake is van een statistisch significant verschil ). Resultaten van deze toetsing zijn:
- Bij zowel mannen als vrouwen is het percentage dat rookt hoger onder mensen met primair onderwijs of een vmbo-opleiding (blauw in grafiek) dan hbo- of universitair geschoolden (roze in grafiek). Uitzondering hierop zijn mannen in de leeftijdsgroep 65 jaar en ouder. Van de 25 tot en met 44-jarige mannen met primair onderwijs of een vmbo-opleiding rookt 51,1%. Dat is ruim twee en een half hoger dan bij mannen met een hbo- of universitaire opleiding in dezelfde leeftijdscategorie (20,1%). Onder vrouwen met primair onderwijs of een vmbo-opleiding in deze leeftijdscategorie is het percentage dat rookt ook ruim twee en een half keer hoger dan onder vrouwen met een hbo- of universitaire opleiding (29,3% versus 11,3%).
- Bij mannen in de leeftijdsgroepen tot 64 jaar is het percentage dat rookt hoger onder mannen met primair onderwijs of een vmbo-opleiding (blauw in grafiek) dan onder mannen met een met een havo-, vwo- of mbo-opleiding (geel in grafiek). Bij vrouwen is dit alleen zo in de leeftijdscategorie 45 tot en met 64 jaar.
- Er roken meer mensen met een havo-, vwo- of mbo-opleiding (geel in grafiek) dan mensen met een hbo- of universitaire opleiding (roze in grafiek). Dit geldt voor zowel mannen als vrouwen en voor alle leeftijdsgroepen, met uitzondering van mannen in de leeftijdsgroep 65 jaar en ouder.
Trend in roken naar opleiding 1999-2023
Sla de grafiek Trend in roken naar opleiding 1999-2023 over en ga naar de datatabelBron: CBS Gezondheidsenquête(tot en met 2013); daarna Gezondheidsenquête/Leefstijlmonitor, CBS i.s.m. RIVM en Trimbos-instituut
- De labels van de opleidingstypen vermelden de grootste opleidingsgroepen. Zie de toelichting op opleidingstypen voor meer informatie.
- De ondergrens en bovengrens van het 95% betrouwbaarheidsinterval zijn zichtbaar in tabelweergave.
Roken is gedaald in alle opleidingsgroepen
De grafiek presenteert de trend in roken naar opleidingstype van 1999-2023. De verschillen zijn statistisch getoetst (een statistische toets is uitgevoerd om te bepalen of sprake is van een statistisch significant verschil ). Resultaten van deze toetsing zijn:
- Het percentage mensen dat rookt is tussen 1999 en 2023 gedaald voor alle opleidingsgroepen. Bij mensen met primair onderwijs of een vmbo-opleiding (blauw in grafiek) is dit gedaald met 12,2 procentpunt (Een procentpunt geeft het absolute verschil aan tussen waarden die in procenten worden uitgedrukt. Een stijging van 1 procentpunt is bijvoorbeeld een stijging van 4 naar 5%.), bij mensen met een havo-, vwo- of mbo-opleiding (geel in grafiek) met 13,9 procentpunt en bij hbo- of universitair geschoolden (roze in grafiek) met 12,4 procentpunt.
- De daling van het percentage rokers ging even snel in de groep met de laagste relatieve opleidingspositie als in de groep met de hoogste relatieve opleidingspositie (De betekenis van hoogst behaalde opleiding verschilt per generatie en geslacht. De relatieve opleidingspositie houdt hier rekening mee.).
- In 2023 rookten ongeveer 1,9 keer meer mensen in de groep met primair onderwijs of een vmbo-opleiding (blauw in grafiek) dan in de groep met een hbo- of wo-opleiding (roze in grafiek). Het verschil in roken tussen de groep met de laagste relatieve opleidingspositie en de groep met de hoogste relatieve opleidingspositie is tussen 1999 en 2023 toegenomen.
- G. de Boer (RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu))
- M.J. Buijs (RIVM)
- T. Jansen-van Eijndt (RIVM)
- K. Monshouwer (Trimbos-instituut)
- A. Wester (RIVM)
- M.M. ter Hedde, red. (RIVM)
- V. Hermans, red (RIVM)
- E.M. Zantinge, red. (RIVM)