Breed palet factoren bepalend voor problematisch alcoholgebruik

Verschillende factoren zijn van invloed op problematisch alcoholgebruik. Het RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu heeft een overzicht gemaakt van deze achterliggende factoren. Daarbij gaat het om persoonsgebonden factoren, leefstijl, de sociale – en fysieke omgeving en overstijgende drijvende krachten, zoals maatschappelijke ontwikkelingen en trends.

Meer informatie


    Alcoholgebruik hangt samen met zestig aandoeningen

    Alcoholgebruik heeft invloed op bijna alle organen in het lichaam en hangt samen met ongeveer zestig verschillende aandoeningen ( Cargiulo 2007 Cargiulo, T, Understanding the health impact of alcohol dependence. (2007) Casswell 2017 Casswell, S, Global Alcohol Harm Network: Struggling or Emerging? A Response to Shiffman (2017) Meza et al. 2022 Meza, V., Arnold, J., Díaz, L.A., Ayala Valverde, M., Idalsoaga, F., Ayares, F., Devuni, D., Arab, J.P., Alcohol Consumption: Medical Implications, the Liver and Beyond. (2022) WHO 2004 WHO, WHO Global Status Report on Alcohol, Geneve (2004) ). De ICD-10 International Classification of Diseases, tenth revision, het officiële classificatiesysteem van de WHO, geeft aan dat veertig aandoeningen volledig toe te schrijven zijn aan alcoholgebruik ( Rehm et al. 2017 Rehm, J., Gmel, G., Hasan, O., Imtiaz, S., Popova, S, Probst, C., Roerecke, M., Room, R., Samokhvalov, A.V., Shield, K. D., Shuper, P.A., The relationship between different dimensions of alcohol use and the burden of disease-an update. (2017) ). Hieronder vallen zowel chronische aandoeningen als acute letsels en aandoeningen. Daarbij hangt alcoholgebruik ook samen met problemen die consequenties hebben voor anderen, zoals huwelijksproblemen en verkeersongevallen.

    Risico’s anders voor mannen en vrouwen

    De gevolgen van alcoholgebruik voor de gezondheid zijn niet voor iedereen hetzelfde: risico's zijn bijvoorbeeld verschillend voor mannen en vrouwen. Dit heeft te maken met het verschil in lichaamssamenstelling en alcoholmetabolisme. Dit verschil zorgt ervoor dat vrouwen bij hetzelfde alcoholgebruik, een hoger risico op schade dan mannen. Hier komt nog bij dat vrouwen over het algemeen kleiner van stuk zijn, waardoor ze met dezelfde consumptie gemiddeld een hoger promillage in het bloed krijgen dan mannen ( Erol & Karpyak 2015 Erol, A, Karpyak, VM., Sex and gender-related differences in alcohol use and its consequences: Contemporary knowledge and future research considerations (2015) ).

    Risico’s hoger voor kinderen en jongeren

    De gevolgen zijn ook  per leeftijd verschillend. Voor (ongeboren) kinderen en jongvolwassenen geldt dat ze gevoeliger zijn voor de risico's van alcoholgebruik doordat hun lichaam kleiner is, en omdat hun lichaam nog in ontwikkeling is. Het lichaam kan daarom niet alleen schade oplopen, maar ook in de ontwikkeling gestoord worden, onder meer door het effect op de hersenontwikkeling. Dit kan zich bijvoorbeeld uiten in gedragsproblematiek of in een hogere gevoeligheid voor alcohol, wat kan leiden tot verslaving op latere leeftijd ( Cservenka & Brumback 2017 Cservenka, A., Brumback, T., The Burden of Binge and Heavy Drinking on the Brain: Effects on Adolescent and Young Adult Neural Structure and Function. (2017) Meruelo et al. 2017 Meruelo, A.D., Castro, N., Tapert, S.F., Cannabis and alcohol use, and the developing brain. (2017) Silveri et al. 2016 Silveri, M.M., Dager, A.D., Cohen-Gilbert, J.E., Sneider, J.T., Neurobiological signatures associated with alcohol and drug use in the human adolescent brain. (2016) ). 

    Hersenschade door alcoholgebruik bij jongeren

    Excessief alcoholgebruik onder jongeren kan leiden tot het ontwikkelen en verergeren van psychische stoornissen, zoals angststoornissen en depressie. Tevens lijkt er een link te zijn tussen zwaar alcoholgebruik en problemen met het controleren van de aandacht, waarbij jongeren die zwaar drinken meer moeite moeten doen om op hetzelfde niveau te presteren als hun niet of weinig drinkende leeftijdsgenoten ( Lees et al. 2020 Lees, B., Meredith, L.R., Krikland, A.E., Bryant, B.E., Squeglia, L.M., Effect of alcohol use on the adolescent brain and behavior. (2020) ). Zwaar alcoholgebruik Minstens 1 dag per week 6 glazen of meer voor mannen en 4 glazen of meer voor vrouwen. kan ook een negatieve impact hebben op het geheugen ( Squeglia & Gray 2016 Squeglia, L.M., Gray, K.M., Alcohol and Drug Use and the Developing Brain. (2016) ; Carbia et al. 2018 Carbia, C., López-Caneda, E., Corral, M., Cadaveira, F., A systematic review of neuropsychological studies involving young binge drinkers. (2018) ) en het vermogen van het brein om gedrag te remmen. Van binge drinken Het drinken van 5 glazen alcohol of meer bij één gelegenheid is bekend dat het jongeren gevoeliger maakt voor beloningen, doordat het deel van het brein dat emoties verwerkt minder actief is ( Lees et al. 2020 Lees, B., Meredith, L.R., Krikland, A.E., Bryant, B.E., Squeglia, L.M., Effect of alcohol use on the adolescent brain and behavior. (2020) ). 
    Overmatig alcoholgebruik is riskanter voor jongeren omdat het brein nog in ontwikkeling is, waardoor de hersenen gevoeliger zijn voor de effecten van alcohol. Ook kan overmatig alcoholgebruik tijdens de adolescentie leiden tot structurele veranderingen in het brein. Het is nog onduidelijk of deze schade kan worden hersteld door te stoppen met drinken ( Lees et al. 2020 Lees, B., Meredith, L.R., Krikland, A.E., Bryant, B.E., Squeglia, L.M., Effect of alcohol use on the adolescent brain and behavior. (2020) ). 

    Steeds meer alcohol nodig voor hetzelfde effect

    Eén van de effecten van het consumeren van veel alcohol is dat het brein tolerantie opbouwt voor het effect van alcohol. Dat betekent dat steeds meer alcohol nodig is voor hetzelfde effect. Het brein wordt dan toleranter voor dopamine, een stofje dat werkt als beloning voor de hersenen. Door verminderde gevoeligheid voor dopamine wordt het lastiger om genot te halen uit andere zaken, wat depressieve gevoelens kan veroorzaken. Dit is één van de verklarende mechanismes achter het verslavende effect van alcohol, dat even groot wordt geschat als dat van cocaïne ( van Amsterdam et al. 2009 van Amsterdam, J. G. C., Opperhuizen, A., Koeter, MW. J., van Aerts, L.A.G.J.M. , van den Brink, W, Ranking van drugs. Een vergelijking van de schadelijkheid van drugs., Bilthoven (2009) ).

    Hoeveelheid en frequentie bepalen mate van schade

    Het risico op gezondheidsschade door alcohol hangt af van het totale alcoholgebruik van de drinker, maar ook van het drinkpatroon dat iemand heeft. Het drinkpatroon houdt in hoeveel alcohol iemand per keer drinkt en hoe vaak. In het algemeen geldt ( Rehm 2011 Rehm, J., The Risks Associated With Alcohol Use and Alcoholism (2011) ; Anderson & Baumberg 2006 Anderson, P., Baumberg, B., Alcohol in Europe: a public health perspective, London (2006) WHO 2004 WHO, WHO Global Status Report on Alcohol, Geneve (2004) ):

    • Hoe hoger de totale consumptie van alcohol, hoe groter het risico op schade.
    • Hoe meer alcohol per keer wordt gedronken, des te ernstiger de schade (de aandoening of verwonding).

    Op VZinfo.nl wordt informatie gepresenteerd over verschillende patronen van alcoholgebruik: zware drinkers, binge drinkers, overmatige drinkers en mensen die meer drinken dan wordt geadviseerd door de Gezondheidsraad. Zie definities voor een beschrijving van de verschillende soorten drinkers.

    Ter illustratie: stel dat twee personen allebei 25 glazen bier per week drinken. Ze lopen toch verschillende gezondheidsrisico's wanneer de ene persoon dat bier op vrijdag- en zaterdagavond drinkt en de andere persoon het verspreid over de week drinkt. Bij de eerste persoon is bijvoorbeeld het risico op hersenschade, alcoholvergiftiging en ongevallen hoger dan bij iemand die minder drinkt. Terwijl de tweede persoon vooral een hoger risico heeft op chronische gezondheidsschade die zich op lange termijn openbaart, zoals kanker. Voor een aantal aandoeningen geldt dat vooral een langdurig hoog alcoholgebruik bijdraagt aan een hoger risico.

    Alcoholgebruik heeft meer negatieve dan positieve gevolgen

    Voor een kleine groep van aandoeningen geldt dat een gemiddeld drinkniveau van één tot enkele glazen per dag een lager risico geeft, terwijl meer drinken weer aan hogere risico's bijdraagt (onder meer aan coronaire hartziekten, diabetes mellitus type II en dementie). Alles bij elkaar genomen heeft alcoholgebruik echter meer negatieve dan positieve gevolgen. De risicoverlagende effecten van alcoholgebruik gelden namelijk niet alleen voor een klein aantal aandoeningen, maar ook voor een kleine groep mensen. De risicoverlagende effecten overheersen de risicoverhogende effecten van alcoholgebruik alleen bij mensen vanaf middelbare leeftijd, die dagelijks en zeer matig drinken (enkele glazen per dag of minder) ( Rehm et al. 2017 Rehm, J., Gmel, G., Hasan, O., Imtiaz, S., Popova, S, Probst, C., Roerecke, M., Room, R., Samokhvalov, A.V., Shield, K. D., Shuper, P.A., The relationship between different dimensions of alcohol use and the burden of disease-an update. (2017) Fernández-Solà 2015 Fernández-Solà, J, Cardiovascular risks and benefits of moderate and heavy alcohol consumption (2015) ). Het gunstige effect van matig alcohol drinken neemt waarschijnlijk weer af op zeer hoge leeftijd ( Anderson & Baumberg 2006 Anderson, P., Baumberg, B., Alcohol in Europe: a public health perspective, London (2006) NIGZ 2005 NIGZ, Alcohol en ouderen, Woerden (2005) ). Er moet rekening gehouden worden dat de risicoverhogende effecten tegelijkertijd ook al ontstaan bij licht tot matig alcoholgebruik. De kans op bepaalde kankervormen wordt bijvoorbeeld al groter bij het drinken van één tot drie glazen op een dag ( WCRF/AICR 2018 WCRF/AICR, Diet, Nutrition, Physical Activity and Cancer: a Global Perspective. Continuous Update Project Expert Report 2018 (2018) Rovira & Rehm 2021 Rovira , P., Rehm, J., Estimation of cancers caused by light to moderate alcohol consumption in the European Union. (2021) ).


    In 2020 ruim 2.500 sterfgevallen door alcoholgebruik

    In 2020 overleden in Nederland naar schatting 2.520 mensen als gevolg van een selectie van 11 aandoeningen waarbij sterfte door alcoholgebruik relatief vaak voorkomt. Beroerten, alcoholgeïnduceerde leverziekten en andere alcoholgerelateerde aandoeningen zijn de meest voorkomende doodsoorzaken, gevolgd door slokdarmkanker, diabetes en dikkedarmkanker.  Zo wordt het aantal sterfgevallen door alcoholgebruik bij beroerten geschat op 1.020. Per ziekte zijn er duidelijke verschillen in het percentage sterfgevallen dat kan worden toegeschreven aan alcoholgebruik. Bij beroerten is 12% van alle sterfgevallen te wijten aan alcoholgebruik.  Bij vervoersongevallen is dat 16% en bij alcohol geïnduceerde leverziekten is 100% van de sterfgevallen toe te schrijven aan alcoholgebruik.
    Alcoholgebruik kan soms ook beschermend werken (negatieve waarden in tabel) en sterfte voorkomen. Dit geldt met name voor coronaire hartziekten. Over het geheel genomen veroorzaakt alcoholgebruik echter meer sterfte dan dat het sterfte voorkomt, waardoor de voordelen niet opwegen tegen de nadelen. 

    Schatting sterfgevallen

    Bij de schatting van 2.500 sterfgevallen is uitgegaan van een referentieklasse voor het drinken van alcohol van “gemiddeld meer dan 0 glazen tot 1 glas per dag”. Geheelonthouders zijn niet als referentie gekozen omdat deze groep mogelijk meer ex-drinkers of mensen met een slechtere gezondheid bevat. De optimale referentieklasse voor het drinken van alcohol verschilt per ziekte. Zo is bijvoorbeeld voor borstkanker “meer dan 0 tot 0,5 glazen per dag” de meest optimale referentieklasse terwijl dat voor beroerte “0,5 glazen tot 1 glas per dag” is. Daarom is ook berekend wat de totale sterfte zou zijn als gekozen wordt voor deze referentieklassen. Bij de referentieklasse “meer dan 0 tot 0,5 glazen per dag” kunnen 1900 sterfgevallen worden toegeschreven aan alcoholgebruik. Bij de referentieklasse “0,5 tot 1 glas per dag” zijn dat 3900 sterfgevallen.

    Tabel: Sterfte als gevolg van alcoholgebruik 2020, afgerond op tientallen
        Alcoholgerelateerde sterfte Toewijsbaar aan alcohol
    Aandoening ICD-10 code Mannen Vrouwen Totaal (aantal) Totaal (%)
    Mondholtekanker C00-C08 40   0   40 11
    Slokdarmkanker C15 240 -50 200 10
    Dikkedarmkanker C18-C21 110 10 120 3
    Strottehoofdkanker C32 40 10 50 22
    Borstkanker C50 0 80 80 3
    Diabetes E10-E14 40 100 140 5
    Aandoeningen gerelateerd aan alcohol F10, X45, Y15 430 110 540 100
    Coronaire hartziekten I20, I25 -200 0 -200 -2
    Beroerte  G45, I60-I69, 460 560 1.020 12
    Alcoholgeïnduceerde leverziekten K70 310 120 430 100
    Vervoersongeval V01-V79, V81-V99, Y85 80 30 110 16
    Totaal (11 oorzaken)   1.550 970 2.520 1,5

    Bron: RIVM, gebaseerd op CBS Doodsoorzakenstatistiek en CBS-Gezondheidsenquête (zie voor methode: VTV-2018)

    • Door afronding in tientallen kan de totale alcoholgerelateerde sterfte verschillen van de som van de sterfte van mannen en vrouwen afzonderlijk, en van alle aandoeningen afzonderlijk

    • H.B.M. Hilderink (RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu)
    • M.H.D. Plasmans (RIVM)
    • M.J.J.C. Poos (RIVM)
    • L.S. Heunks, red. (RIVM)
    • E.M. Zantinge, red. (RIVM)