Overlevingstafels op basis van koppeling NZR Eerstelijn en CBS Centraal Bureau voor de Statistiek (Centraal Bureau voor de Statistiek) -Bevolkingsstatistiek

Om de overlevingstafels te berekenen is, op basis van de koppeling van de NZR Eerstelijn en de CBS-Bevolkingsstatistiek, de totale bevolking en de totale sterfte in Nederland over de periode 2012-2019 opgedeeld in drie groepen (mensen met type 1 diabetes, mensen met type 2 diabetes en mensen zonder type 1 of 2 diabetes). Voor de drie onderscheiden groepen is vervolgens de  levensverwachting Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. (Het gemiddeld aantal nog te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd. ) berekend. Hierbij is aangesloten bij de methode die het CBS gebruikt.

Meer informatie


Internationale vergelijking op basis van de IDF Diabetes Atlas 2019

De gepresenteerde gegevens in de internationale vergelijking van diabetes zijn afkomstig van de IDF Diabetes Atlas 2019, 9th edition). De IDF zegt hierover: "De gegevens die hierin worden gebruikt, zijn afkomstig uit verschillende bronnen, zoals peer-reviewed wetenschappelijke artikelen, websites van ministeries van volksgezondheid en nationale en regionale gezondheidsonderzoeken. Officiële rapporten van internationale organisaties, zoals de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), werden ook beoordeeld op hun kwaliteit door een internationaal expertpanel. Alleen gegevensbronnen die aan strenge selectiecriteria voldeden, werden meegenomen in de data-analyse."


Methoden en technieken

Standaardisatie

De omvang en de leeftijdsverdeling van de bevolking verschillen per regio en land. Daarnaast treden in de loop van de tijd veranderingen op in de omvang en leeftijdsverdeling. Om ziekte- en sterftecijfers van verschillende regio’s en landen, of van opeenvolgende jaren met elkaar te kunnen vergelijken, wordt hier rekening mee gehouden. Daarbij worden de cijfers gecorrigeerd voor deze verschillen of veranderingen in de bevolking. Hierbij wordt uitgegaan van de omvang en de leeftijdsverdeling van een gekozen standaardpopulatie. Dit wordt standaardisatie genoemd.

Indexatie

Vooral bij de weergave van trends in de tijd zijn de trendcijfers vaak geïndexeerd. Een geïndexeerde trend laat ontwikkelingen in de tijd zien ten opzichte van een gekozen basisjaar. Dit gebeurt door de cijfers van alle jaren weer te geven als percentage van het cijfer in een gekozen basisjaar. Het cijfer in het basisjaar is gelijk gesteld aan 100(%). Indexatie maakt zichtbaar hoe groot de percentuele toe- of afname is ten opzichte van dat basisjaar. Door als basisjaar het eerste jaar in de grafiek te kiezen, kun je snel zien wat de verandering over de hele weergegeven periode is en ook of er grote verschillen zijn voor de onderscheiden groepen (mannen en vrouwen bijvoorbeeld).

Indexatie kan ook gebruikt worden voor het weergeven van regionale verschillen. Hierbij wordt het landelijke cijfer bijvoorbeeld gelijk gesteld aan 100(%). Een regionaal cijfer boven of onder de 100 duidt erop dat het respectievelijk hoger of lager is dan het landelijke cijfer. Voorafgaand aan indexatie worden de cijfers vaak gecorrigeerd voor verschillen in samenstelling van de populaties.

Toetsing trends

Toetsing van de trend heeft plaatsgevonden op ongestandaardiseerde data door middel van een logistische regressie, waarbij is gecorrigeerd is voor leeftijd en geslacht. Daarbij wordt getoetst een statistische toets is uitgevoerd om te bepalen of sprake is van een statistisch significant verschil (een statistische toets is uitgevoerd om te bepalen of sprake is van een statistisch significant verschil ) of er een statistisch significante toe- of afname is met een significantieniveau (p-waarde) van 0,05. Vaak is onderscheid gemaakt naar trends in verschillende subpopulaties: mannen, vrouwen en leeftijdsgroepen. Daarnaast is getoetst of de trend voor mannen en vrouwen statistisch significant verschilt.
De kans op het vinden van een toevallige significante uitkomst neemt toe met het aantal uitgevoerde toetsen. Om hiervoor te corrigeren is een Benjamini‐Hochberg‐correctie op de p‐waardes uitgevoerd.