Risicofactoren voor perinatale sterfte

Overgewicht en roken beïnvloedbare risicofactoren perinatale sterfte

Overgewicht en roken zijn beïnvloedbare risicofactoren voor  perinatale sterfte Perinatale sterfte: De som van doodgeboorte en vroegneonatale sterfte (sterfte in de eerste 7 dagen) of neonatale sterfte (sterfte in de eerste 28 dagen). De perinatale sterfte wordt uitgedrukt per 1.000 levend- en doodgeborenen. (Perinatale sterfte: De som van doodgeboorte en vroegneonatale sterfte (sterfte in de eerste 7 dagen) of neonatale sterfte (sterfte in de eerste 28 dagen). De perinatale sterfte wordt uitgedrukt per 1.000 levend- en doodgeborenen. ) ( Ravelli et al. 2020 Ravelli, AC. J., Eskes, M, van der Post, JA. M., Abu-Hanna, A, de Groot, CJ. M., Decreasing trend in preterm birth and perinatal mortality, do disparities also decline? (2020) Posthumus et al. 2016 Posthumus, A. G., Birnie, E., van Veen, M. J., Steegers, E. A. P., Bonsel, G. J., An antenatal prediction model for adverse birth outcomes in an urban population: The contribution of medical and non-medical risks. (2016) Aune et al. 2014 Aune, D, Saugstad, ODidrik, Henriksen, T, Tonstad, S, Maternal body mass index and the risk of fetal death, stillbirth, and infant death: a systematic review and meta-analysis. (2014) Flenady et al. 2011 Flenady, V, Koopmans, L, Middleton, P, Frøen, FJ., Smith, GC., Gibbons, K, Coory, M, Gordon, A, Ellwood, D, McIntyre, HDavid, Ezzati, M, Fretts, R. C., Major risk factors for stillbirth in high-income countries: a systematic review and meta-analysis (2011) ). Hoe hoger het  BMI Body Mass Index. De BMI is een index die de verhouding tussen lengte en gewicht bij een persoon weergeeft. De BMI wordt veel gebruikt om een indicatie te krijgen of er sprake is van overgewicht of ondergewicht. (Body Mass Index. De BMI is een index die de verhouding tussen lengte en gewicht bij een persoon weergeeft. De BMI wordt veel gebruikt om een indicatie te krijgen of er sprake is van overgewicht of ondergewicht.) van de moeder hoe hoger het risico op perinatale sterfte ( Marchi et al. 2015 Marchi, J., Berg, M., Dencker, A., Olander, E. K., Begley, C., Risks associated with obesity in pregnancy, for the mother and baby: a systematic review of reviews. (2015) ). Ook een bepaalde ziekten of aandoeningen bij de zwangere (zoals infectieziekten, diabetes en hoge bloeddruk) verhogen het risico op perinatale sterfte ( Lawn et al. 2016 Lawn, JE., Blencowe, H, Waiswa, P, Amouzou, A, Mathers, C, Hogan, D, Flenady, V, Frøen, FJ., Qureshi, ZU., Calderwood, C, Shiekh, S, Jassir, FBianchi, You, D, McClure, EM., Mathai, M, Cousens, S, Lancet Ending Preventable Stillbirths Series study group, Lancet Stillbirth Epidemiology investigator group, Stillbirths: rates, risk factors, and acceleration towards 2030. (2016) ). Risicofactoren als geslacht van het kind en migratieachtergrond zijn niet of moeilijk beïnvloedbaar. Een aantal belangrijke risicofactoren voor perinatale sterfte staan in de tabel. Ook zorgfactoren beïnvloeden de perinatale sterfte ( Tromp et al. 2009 Tromp, M., Eskes, M., Reitsma, JB., Erwich, J. -. J. H. M., Brouwers, HA. A., Rijninks-van Driel, G. C., Bonsel, G. J., Ravelli, A. C. J., Regional perinatal mortality differences in the Netherlands; care is the question (2009) ). Daarbij gaat het bijvoorbeeld om betere opsporing van groeivertraging, keuzes rond prenatale screening en de opvang van extreem vroeggeboren kinderen.

Vroeggeboorte en laag geboortegewicht belangrijke risicofactoren

Ongeveer 85% van de perinatale sterfte hangt samen met vroeggeboorte, laag geboortegewicht/groeivertraging, evenals met aangeboren afwijkingen en met een slechte start bij de geboorte ( Bonsel et al. 2010 Bonsel, G. J., Steegers, E. A. P., Birnie, E., Denktaş, S., Poeran, J. J., Lijnen in perinatale sterfte. Signalementstudie Zwangerschap en Geboorte 2010, Rotterdam (2010) ). Kinderen geboren voor de 37ste zwangerschapsweek (ongeveer 7% van de kinderen), maken ongeveer 80% uit van alle kinderen die vóór of tijdens de eerste maand na de geboorte zijn overleden. Van alle kinderen komt 0,5% extreem vroeg ter wereld, voor de 26ste week. Deze kleine groep draagt voor ongeveer de helft bij aan de totale perinatale sterfte ( Perined 2019 Perined, Perinatale zorg in Nederland anno 2018: landelijke perinatale cijfers en duiding, Utrecht (2019) ). Iets meer dan een vijfde (21%) van alle overleden kinderen heeft een ernstige aangeboren aandoening, terwijl dit maar bij 2,3% van alle geboorten voorkomt. Dit blijkt uit gegevens uit de Landelijke Verloskunde en Neonatologie Registraties (PRN) over de periode 2000-2006 ( Ravelli et al. 2008 Ravelli, A. C. J., Eskes, M., Tromp, M., van Huis, A. M., Steegers, E. A. P., Tamminga, P., Bonsel, G. J., Perinatale sterfte in Nederland 2000-2006; risicofactoren en risicoselectie (2008) ). Omdat  overgewicht Er is sprake van overgewicht bij een Body Mass Index (BMI) ≥ 25 kg/m2 (Er is sprake van overgewicht bij een Body Mass Index (BMI) ≥ 25 kg/m2), roken, lage en hoge leeftijd van de moeder ook risicofactoren voor vroeggeboorte zijn (zie Oorzaken van vroeggeboorte), hebben ze niet alleen direct maar ook indirect via vroeggeboorte invloed op de sterfte rond de geboorte.  

Verhoogd risico bij niet-westerse afkomst 

Sterfte rond de geboorte komt relatief vaker voor bij pasgeborenen met een niet-westerse herkomst dan bij autochtone pasgeborenen ( Ravelli et al. 2020 Ravelli, AC. J., Eskes, M, van der Post, JA. M., Abu-Hanna, A, de Groot, CJ. M., Decreasing trend in preterm birth and perinatal mortality, do disparities also decline? (2020) Ravelli et al. 2011 Ravelli, A. C. J., Tromp, M., Eskes, M., Droog, J. C., van der Post, J. A. M., Jager, K. J., Mol, B. W., Reitsma, JB., Ethnic differences in stillbirth and early neonatal mortality in The Netherlands (2011) Troe et al. 2006 Troe, EW. M., Bos, V, Deerenberg, I. M., Mackenbach, J. P., Joung, I. M. A., Ethnic differences in total and cause-specific infant mortality in The Netherlands. (2006) ; zie Perinatale sterfte naar migratieachtergrond). Het gaat bijvoorbeeld om vrouwen van Marokkaanse, Antilliaanse, Turkse of Surinaamse afkomst (MATS). De sterfte is het hoogst voor pasgeborenen met een overig niet-westerse herkomst (Azië, Afrika, waaronder asielzoekers en statushouders). Recent is het aandeel van geboortes bij vrouwen uit deze groep in het totaal van Nederlandse geboortes toegenomen ( Achterberg et al. 2020 Achterberg, P. W., Harbers, M. M., Post, N. A. M., Visscher, K., Beter weten: een beter begin Samen sneller naar een betere zorg rond de zwangerschap. RIVM Briefrapport 2020-0140, Bilthoven (2020) ). 

Ook sociale achterstand beïnvloedt perinatale sterfte

Behalve niet-westerse afkomst is ook een lage sociaaleconomische status (lage opleiding, laag inkomen of armoede) en het wonen in achterstandswijken een risicofactor voor perinatale sterfte ( Vos et al. 2015 Vos, AA., Denktaş, S, Borsboom, GJ. J. M., Bonsel, GJ., Steegers, EA. P., Differences in perinatal morbidity and mortality on the neighbourhood level in Dutch municipalities: a population based cohort study. (2015) Vos et al. 2014 Vos, AA., Posthumus, AG., Bonsel, G. J., Steegers, E. A. P., Denktaş, S., Deprived neighborhoods and adverse perinatal outcome: a systematic review and meta-analysis (2014) de Graaf et al. 2013 de Graaf, J. P., Steegers, E. A. P., Bonsel, G. J., Inequalities in perinatal and maternal health. (2013) Timmermans et al. 2011 Timmermans, Bonsel, Steegers-Theunissen, R.P.M., Mackenbach, Steyerberg, Raat, H., Verbrugh, Tiemeier, Hofman, Birnie, Looman, Jaddoe, V.W.V., Steegers, E.A.P, Individual accumulation of heterogeneous risks explains perinatal inequalities within deprived neighbourhoods (2011) ). Over de periode 2003-2017 was er in Nederland sprake van sterke wijk-gebonden verschillen in de hoogte van de perinatale sterfte en in de  prevalentie Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief. (Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie), ooit in het leven (lifetime prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief.) van vroeggeboorte. Hoewel de totale perinatale sterfte in Nederland in de genoemde periode daalde, namen de sociaaleconomische verschillen in perinatale sterfte tussen wijken niet af ( Bertens et al. 2020 Bertens, LC. M., Ochoa, LBurgos, Van Ourti, T, Steegers, EA. P., Been, JV., Persisting inequalities in birth outcomes related to neighbourhood deprivation. (2020) ). Het grotere risico van wonen in een achterstandswijk komt door een stapeling van risicofactoren in achterstandswijken, zoals laag inkomen, lage opleiding, niet-westerse migratieachtergrond en ongezonde leefstijl ( Timmermans et al. 2011 Timmermans, Bonsel, Steegers-Theunissen, R.P.M., Mackenbach, Steyerberg, Raat, H., Verbrugh, Tiemeier, Hofman, Birnie, Looman, Jaddoe, V.W.V., Steegers, E.A.P, Individual accumulation of heterogeneous risks explains perinatal inequalities within deprived neighbourhoods (2011) ). Het lijkt erop dat vrouwen in achterstandswijken onvoldoende of minder adequate zorg ontvangen ( Posthumus et al. 2016 Posthumus, AG., Borsboom, GJ., Poeran, J, Steegers, EA. P., Bonsel, GJ., Geographical, Ethnic and Socio-Economic Differences in Utilization of Obstetric Care in the Netherlands. (2016) ). De grote sociaaleconomische verschillen in perinatale gezondheid zijn niet beperkt tot de grote steden: ook in minder verstedelijkte gebieden met een lagere sociaal economische status (vaak krimpregio’s) zijn de risico’s op ongewenste zwangerschapsuitkomsten hoger ( Waelput et al. 2017 Waelput, AJ. M., Sijpkens, MK., Lagendijk, J, van Minde, MR. C., Raat, H, Ernst-Smelt, HE., de Kroon, ML. A., Rosman, AN., Been, JV., Bertens, LC. M., Steegers, EA. P., Geographical differences in perinatal health and child welfare in the Netherlands: rationale for the healthy pregnancy 4 all-2 program. (2017) ).

Risico van sociale achterstand groter voor vrouwen met westerse migratieachtergrond

Het effect van sociale achterstand, waaronder laag inkomen, op perinatale sterfte is verschillend voor westerse en niet-westerse vrouwen. Niet-westerse vrouwen hebben gemiddeld een verhoogd risico op perinatale sterfte, maar het risico op perinatale sterfte bij sociale achterstand is mogelijk groter voor westerse dan voor niet-westerse vrouwen ( Poeran et al. 2013 Poeran, J. J., Maas, A. F. G., Birnie, E., Denktaş, S., Steegers, E. A. P., Bonsel, G. J., Social deprivation and adverse perinatal outcomes among Western and non-Western pregnant women in a Dutch urban population (2013) de Graaf et al. 2008 de Graaf, J. P., Ravelli, A. C. J., Wildschut, H. I. J., Denktaş, S., Voorham, A.J.J., Bonsel, G. J., Steegers, E. A. P., Perinatale uitkomsten in de vier grote steden en de prachtwijken in Nederland (2008) ). 

Invloed van Nederlands verloskundig systeem niet eenduidig

Binnen het Nederlandse verloskundige systeem kunnen vrouwen met een laag risico thuis of poliklinisch bevallen onder begeleiding van een verloskundige. Er zijn diverse studies gedaan naar het verschil in risico op perinatale sterfte bij een bevalling in de eerste lijn (thuis of in het ziekenhuis onder begeleiding van een verloskundige) of in de tweede lijn. De resultaten van deze studies zijn niet eenduidig ( de Jonge et al. 2015 de Jonge, A., Geerts, C. C., van der Goes, B. Y., Mol, B. W., Buitendijk, S. E., Nijhuis, J. G., Perinatal mortality and morbidity up to 28 days after birth among 743 070 low-risk planned home and hospital births: a cohort study based on three merged national perinatal databases (2015) Geerts et al. 2015 Geerts, C. C., de Jonge, A., van der Goes, B. Y., Mol, B. W. J., Buitendijk, S. E., Nijhuis, J. G., Perinatal mortality and morbidity up to 28 days after birth among home and hospital births (2015) Wiegerinck et al. 2015 Wiegerinck, M. M. J., van der Goes, B. Y., Ravelli, A. C. J., van der Post, J. A. M., Klinkert, J., Brandenbarg, J., Buist, F. C. D., Wouters, M. G. A. J., de Jonge, A., Tamminga, P., Mol, B. W., Intrapartum and neonatal mortality in primary midwife-led and secondary obstetrician-led care in the Amsterdam region of the Netherlands: A retrospective cohort study (2015) Ravelli et al. 2011 Ravelli, A. C. J., Tromp, M., Eskes, M., Droog, J. C., van der Post, J. A. M., Jager, K. J., Mol, B. W., Reitsma, JB., Ethnic differences in stillbirth and early neonatal mortality in The Netherlands (2011) Evers et al. 2010 Evers, A. C. C., Brouwers, H. A. A., Hukkelhoven, C. W. P. M., Nikkels, P. G. J., Boon, J., van Egmond-Linden, A., Hillegersberg, J., Snuif, Y. S., Sterken-Hooisma, S., Bruinse, H. W., Kwee, A., Perinatal mortality and severe morbidity in low and high risk term pregnancies in the Netherlands: prospective cohort study (2010) Amelink-Verburg et al. 2008 Amelink-Verburg, M. P., Verloove-Vanhorick, S. P., Hakkenberg, R. M. A., Veldhuijzen, I. M. E., Bennebroek-Gravenhorst, J, Buitendijk, S. E., Evaluation of 280,000 cases in Dutch midwifery practices: a descriptive study (2008) ). 

Meer informatie

Tabel: Risicofactoren voor het optreden van perinatale sterfte
Risicofactor Referentie
Moeder  
Leeftijd van de moeder Ravelli et al. 2020 Ravelli, AC. J., Eskes, M, van der Post, JA. M., Abu-Hanna, A, de Groot, CJ. M., Decreasing trend in preterm birth and perinatal mortality, do disparities also decline? (2020) Ravelli et al. 2008 Ravelli, A. C. J., Eskes, M., Tromp, M., van Huis, A. M., Steegers, E. A. P., Tamminga, P., Bonsel, G. J., Perinatale sterfte in Nederland 2000-2006; risicofactoren en risicoselectie (2008)
Lage sociaaleconomische status de Graaf et al. 2013 de Graaf, J. P., Steegers, E. A. P., Bonsel, G. J., Inequalities in perinatal and maternal health. (2013)
Wonen in een achterstandswijk Bertens et al. 2020 Bertens, LC. M., Ochoa, LBurgos, Van Ourti, T, Steegers, EA. P., Been, JV., Persisting inequalities in birth outcomes related to neighbourhood deprivation. (2020) Vos et al. 2015 Vos, AA., Denktaş, S, Borsboom, GJ. J. M., Bonsel, GJ., Steegers, EA. P., Differences in perinatal morbidity and mortality on the neighbourhood level in Dutch municipalities: a population based cohort study. (2015) de Graaf et al. 2008 de Graaf, J. P., Ravelli, A. C. J., Wildschut, H. I. J., Denktaş, S., Voorham, A.J.J., Bonsel, G. J., Steegers, E. A. P., Perinatale uitkomsten in de vier grote steden en de prachtwijken in Nederland (2008)
Overgewicht (BMI 25,0-29,9) en  obesitas Er is sprake van obesitas of ernstig overgewicht bij een Body Mass Index (BMI) ≥ 30 kg/m2. (Er is sprake van obesitas of ernstig overgewicht bij een Body Mass Index (BMI) ≥ 30 kg/m2.) (BMI ≥ 30) Marchi et al. 2015 Marchi, J., Berg, M., Dencker, A., Olander, E. K., Begley, C., Risks associated with obesity in pregnancy, for the mother and baby: a systematic review of reviews. (2015) Aune et al. 2014 Aune, D, Saugstad, ODidrik, Henriksen, T, Tonstad, S, Maternal body mass index and the risk of fetal death, stillbirth, and infant death: a systematic review and meta-analysis. (2014)
Roken tijdens de zwangerschap Posthumus et al. 2016 Posthumus, A. G., Birnie, E., van Veen, M. J., Steegers, E. A. P., Bonsel, G. J., An antenatal prediction model for adverse birth outcomes in an urban population: The contribution of medical and non-medical risks. (2016)
Migratieachtergrond Ravelli et al. 2020 Ravelli, AC. J., Eskes, M, van der Post, JA. M., Abu-Hanna, A, de Groot, CJ. M., Decreasing trend in preterm birth and perinatal mortality, do disparities also decline? (2020) Ravelli et al. 2008 Ravelli, A. C. J., Eskes, M., Tromp, M., van Huis, A. M., Steegers, E. A. P., Tamminga, P., Bonsel, G. J., Perinatale sterfte in Nederland 2000-2006; risicofactoren en risicoselectie (2008) Garssen & van der Meulen 2004 Garssen, J. J., van der Meulen, A., Ontwikkelingen rond de perinatale sterfte. CBS Bevolkingstrends, 3e kwartaal 2004, Voorburg / Heerlen (2004)
Bepaalde ziekten of aandoeningen bij de zwangere (infectieziekten, diabetes mellitus, hoge bloeddruk) Lawn et al. 2016 Lawn, JE., Blencowe, H, Waiswa, P, Amouzou, A, Mathers, C, Hogan, D, Flenady, V, Frøen, FJ., Qureshi, ZU., Calderwood, C, Shiekh, S, Jassir, FBianchi, You, D, McClure, EM., Mathai, M, Cousens, S, Lancet Ending Preventable Stillbirths Series study group, Lancet Stillbirth Epidemiology investigator group, Stillbirths: rates, risk factors, and acceleration towards 2030. (2016)
Kind  
Rangnummer in gezin Ravelli et al. 2008 Ravelli, A. C. J., Eskes, M., Tromp, M., van Huis, A. M., Steegers, E. A. P., Tamminga, P., Bonsel, G. J., Perinatale sterfte in Nederland 2000-2006; risicofactoren en risicoselectie (2008)
Geslacht van het kind Ravelli et al. 2008 Ravelli, A. C. J., Eskes, M., Tromp, M., van Huis, A. M., Steegers, E. A. P., Tamminga, P., Bonsel, G. J., Perinatale sterfte in Nederland 2000-2006; risicofactoren en risicoselectie (2008)
Meerlingzwangerschap Perined 2019 Perined, Perinatale zorg in Nederland anno 2018: landelijke perinatale cijfers en duiding, Utrecht (2019)
Vroeggeboorte < 37 weken Zie Sterfte naar zwangerschapsduur
Geboortegewicht < het tiende percentiel (P10) op de Hoftiezer geboortegewichtcurve Zie Sterfte naar geboortegewicht
Ernstige aangeboren afwijkingen Ravelli et al. 2008 Ravelli, A. C. J., Eskes, M., Tromp, M., van Huis, A. M., Steegers, E. A. P., Tamminga, P., Bonsel, G. J., Perinatale sterfte in Nederland 2000-2006; risicofactoren en risicoselectie (2008)

  • A.J.M. Waelput (Erasmus MC)
  • P.W. Achterberg ( RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu))
  • M. Harbers, red. (RIVM)