Sleutelrol humaan papillomavirus bij ontstaan baarmoederhalskanker

Baarmoederhalskanker is meestal het gevolg van een besmetting met het humaan papillomavirus (HPV Humaan papilloma virus). HPV is een seksueel overdraagbaar virus. Er bestaan meer dan 100 varianten van het HPV virus ( zur Hausen 2002 zur Hausen, H., Papillomaviruses and cancer: from basic studies to clinical application (2002) ), deze HPV-typen worden onderscheiden in laag- en hoogrisico-varianten. De laagrisico-typen (zoals typen 6 en 11) kunnen goedaardige veranderingen van de weefselbekleding van de baarmoedermond veroorzaken, maar ook genitale wratten. De hoogrisico-typen (hrHPV Hoogrisico-typen Humaan Papillomavirus) zijn kankerverwekkend. De belangrijkste hoogrisico-typen zijn de typen 16 en 18. Zij spelen een doorslaggevende rol bij vrijwel alle gevallen van baarmoederhalskanker. Een hrHPV is makkelijk over te dragen waardoor 80% van de mensen die seksueel actief zijn, eens in zijn leven besmet raakt met dit virus. Het virus wordt echter bij acht van de tien mensen binnen twee jaar door het lichaam opgeruimd. Als een besmetting met hrHPV lang aanhoudt, zal het minstens vijftien jaar duren voordat baarmoederhalskanker zich ontwikkelt ( van Haaren 2016 van Haaren, K. M. A., NHG-Praktijkhandleiding Baarmoederhalskanker; Bevolkingsonderzoek en diagnostiek, Utrecht (2016) ). 

Baarmoederhalskanker is zeldzame complicatie van HPV-infectie

Een infectie met hrHPV is een noodzakelijke voorwaarde voor het ontstaan van baarmoederhalskanker, maar dit is niet voldoende om het te laten ontstaan. Een aantal factoren is namelijk van invloed op het aanhouden van de hrHPV besmetting:

HPV-vaccinatie kan baarmoederhalskanker voorkomen

Sinds 2009 wordt aan alle twaalfjarige meisjes de mogelijkheid aangeboden om te vaccineren tegen de hrHPV-typen 16 en 18. Deze twee typen hrHPV veroorzaken samen 70% van de baarmoederhalskanker. De effectiviteit van het in Nederland gebruikte bivalente vaccin tegen premaligne afwijkingen bedraagt voor CIN Cervicale intra-epitheliale neoplasie (voorstadium van kanker) 2, CIN 3 en cervixcarcinoom 94,9% en voor CIN 3 en cervixcarcinoom 91% ( van Haaren 2016 van Haaren, K. M. A., NHG-Praktijkhandleiding Baarmoederhalskanker; Bevolkingsonderzoek en diagnostiek, Utrecht (2016) ). Tot op heden is het nog onbekend of de vaccinatie levenslange bescherming biedt of dat er herhalingsvaccinaties noodzakelijk zullen zijn. In 2023 worden de eerste vrouwen die gevaccineerd zijn met het bivalente vaccin 30 jaar. Zij worden uitgenodigd voor het bevolkingsonderzoek waarbij de effecten en consequenties van de vaccinaties in kaart worden gebracht.


Mogelijke gevolgen voor vruchtbaarheid en beleving seksualiteit

Kanker en de behandeling ervan hebben voor veel mensen blijvende gevolgen die van invloed zijn op het sociaal en maatschappelijk functioneren. Gevolgen waar veel mensen met kanker mee te maken krijgen zijn vermoeidheidsklachten, concentratie- en geheugenproblemen, neuropathie (zenuwschade), pijn en psychische problemen, zoals angst (voor terugkeer van de ziekte) en somberheid ( Vonk et al. 2016 Vonk, R., Korevaar, J., van Saase, L., Schoemaker, C., Een samenhangend beeld van kanker: ziekte, zorg, mens en maatschappij: Themarapportage van de Staat van Volksgezondheid en Zorg, Bilthoven (2016) ).
Daarnaast kan baarmoederhalskanker en de behandeling daarvan specifieke gevolgen hebben, zoals veranderingen in de beleving van seksualiteit en verminderde vruchtbaarheid ( Jo’s Cervical Cancer Trust Jo’s Cervical Cancer Trust, Long term consequences of cervical cancer and its treatment () ).


  • L. Revales (RIVM)
  • A.M. Gommer (RIVM)