Zorgprevalentie epilepsie 2020

Sla de grafiek Zorgprevalentie epilepsie 2020 over en ga naar de datatabel

Bron: Nivel Zorgregistraties eerste lijn

  • ICPC International Classification of Primary Care-code N88

Naar schatting 59.200 mensen met epilepsie

In 2020 waren er naar schatting 59.200 personen met epilepsie die voor deze klacht zorg hebben gehad van de huisarts of waarvan de huisarts wist dat de patiënt zorg ontving in de tweede lijn (zorgprevalentie): 31.500 mannen en 27.700 vrouwen. Dit komt overeen met 3,6 per 1.000 mannen en 3,2 per 1.000 vrouwen. Mannen van 70 jaar en ouder komen relatief vaak op consult bij de huisarts voor epilepsie.

Epilepsie als chronische aandoening

Voor epilepsie wordt hier de zorgprevalentie gepresenteerd. Volgens de algemeen gehanteerde methode waarmee morbiditeit geschat wordt op basis van huisartsenregistraties, is epilepsie een chronische aandoening (als je de ziekte eenmaal hebt, dan blijf je altijd patiënt). Via deze methode wordt de jaarprevalentie Het aantal personen dat een bepaalde ziekte heeft gehad gedurende een bepaald jaar. geschat op ruim 206.300 personen in 2020. Dit zijn alle personen die bij de huisarts bekend zijn met epilepsie, ongeacht of ze daarvoor in 2020 zijn behandeld. Hierbij worden in principe alle kinderen die als kind epilepsie hebben gehad blijvend als patiënt gezien. Dit is niet altijd terecht; een deel van deze kinderen groeit er overheen. Daarnaast is het mogelijk dat personen die lang geleden voor epilepsie zijn behandeld, nu niet meer als epilepsiepatiënt bij de huisarts geregistreerd staan.

Meer informatie


    Nieuwe gevallen epilepsie 2020

    Sla de grafiek Nieuwe gevallen epilepsie 2020 over en ga naar de datatabel

    Bron: NIVEL Zorgregistraties eerste lijn

    • ICPC International Classification of Primary Care-1-code N88

    10.800 nieuwe epilepsiepatiënten in 2020

    In 2020 zijn naar schatting 10.800 nieuwe patiënten bij de huisarts geregistreerd met de diagnose epilepsie. Het betrof 5.800 mannen en 5.000 vrouwen (0,7 per 1.000 mannen en 0,6 per 1.000 vrouwen). Het aantal nieuwe patiënten is relatief groot op jonge (0 tot en met 4 jaar) en op hogere leeftijd (vanaf 75 jaar). Het aantal nieuwe patiënten neemt toe vanaf de leeftijd van ongeveer 60 jaar en deze toename is het grootst bij mannen.

    Meer informatie


    Trend zorgprevalentie

    Sla de grafiek Zorgprevalentie en aantal nieuwe gevallen epilepsie 2011-2020 over en ga naar de datatabel

    Bron: Nivel Zorgregistraties eerste lijn

    • ICPC International Classification of Primary Care-code N88
    • Gestandaardiseerd naar de bevolking van Nederland in 2011
    • Geïndexeerd (2011 is 100)
    • De absolute cijfers (niet-gestandaardiseerd) zijn zichtbaar in de tabelweergave.

    Aantal nieuwe diagnoses epilepsie afgenomen

    Het aantal nieuw gediagnosticeerde gevallen van epilepsie is in de periode 2011-2020 afgenomen, voor mannen met 34% en voor vrouwen met 27%. Deze trend is gecorrigeerd voor veranderingen in de omvang en leeftijdsopbouw van de bevolking (standaardisatie).
    Ook het per jaar geschatte en ongecorrigeerde aantal nieuw gediagnosticeerde gevallen van epilepsie is afgenomen. Voor mannen nam dit aantal af van 8.000 in 2011 naar 5.800 in 2020. Voor vrouwen is dit aantal afgenomen van 6.400 in 2011 naar 5.000 in 2020 (absolute aantallen zichtbaar in de tabelweergave).

    Prevalentie epilepsie vrijwel constant

    In de periode 2011-2020 is de zorgprevalentie van epilepsie vrijwel constant gebleven. Het betreft hier het aantal mensen dat voor epilepsie zorg heeft gehad van de huisarts of waarvan de huisarts wist dat de patiënt zorg ontving in de tweede lijn. Deze trend is gecorrigeerd voor veranderingen in de omvang en leeftijdsopbouw van de bevolking (standaardisatie).
    Ook het per jaar geschatte en ongecorrigeerde aantal mensen dat zorg heeft ontvangen voor epilepsie is vrijwel constant gebleven in de periode 2011-2020. Voor zowel mannen als vrouwen lag dit aantal rond de 30.000 per jaar (absolute aantallen zichtbaar in de tabelweergave).

    Prevalentie epilepsie tussen 1991 en 2014 gestegen

    De gestandaardiseerde jaarprevalentie Het aantal personen dat een bepaalde ziekte heeft gehad gedurende een bepaald jaar. van epilepsie is in de periode 1991-2014 voor mannen met ruim 50% gestegen en voor vrouwen verdubbeld. De jaarprevalentie betreft alle mensen die ergens in het jaar bekend waren bij de huisarts met epilepsie. Deze mensen hoeven niet allemaal in het betreffende jaar contact te hebben gehad met de huisarts voor epilepsie.
    In de periode 1991-2014 bereikte het gestandaardiseerd aantal nieuwe gevallen van epilepsie onder vrouwen een piek in 2005, en nam daarna af. Er was geen duidelijke trend in het aantal nieuwe gevallen voor mannen. Deze trends zijn gebaseerd op de huisartsenregistratie RNH-Limburg (zie: Trend jaarprevalentie en nieuwe gevallen epilepsie 1991-2014 (pdf; 97 kB)).

    Meer informatie


    Verwachte stijging aantal mensen met epilepsie door alleen demografie

    Op basis van uitsluitend demografische ontwikkelingen zal het absoluut aantal mensen met epilepsie (jaarprevalentie) in de periode 2018-2040 naar verwachting met 13% stijgen. De verwachte stijging bedraagt 15% voor mannen en 12% voor vrouwen. De toename zal groter of kleiner kunnen zijn door andere (niet-demografische) ontwikkelingen die de kans op het vóórkomen van epilepsie beïnvloeden.

    Meer informatie

    • M.M.J. Nielen (NIVEL Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg)
    • M.J.J.C. Poos (RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu)
    • A.M. Gommer, red. (RIVM)
    • C. Hendriks, red. (RIVM)